Aanmelden nieuwsbrief
Klaas van Egmond

Klaas van Egmond

Prof ir Klaas van Egmond is als (emeritus) hoogleraar Milieukunde en Duurzaamheid verbonden aan de Universiteit Utrecht. Voordien was hij directeur Milieu van het RIVM en directeur van het Milieu- en Natuurplanbureau (thans PBL) en actief in adviserende en bestuurlijke functies ondermeer als kroonlid van de SER en (nog steeds) als bestuurslid van het NatuurCollege. Hij heeft zijn aanvankelijke natuurwetenschappelijke benadering van de milieu- en duurzaamheidsproblematiek steeds verder uitgebreid naar de sociaal-culturele en (als mede- initiatiefnemer van het Sustainable Finance Lab) de financieel-economische aspecten.

Klaas van Egmond

dinsdag, 17 januari 2017 16:56

Spookrijders

Een Belg rijdt naar Nederland, van Antwerpen naar Breda. Wanneer hij ter hoogte van St Job in ’t Goor binnen het bereik van de Nederlandse radio komt, hoort hij dat er tussen Antwerpen en Breda een spookrijder is gesignaleerd. Wat, roept onze Belg verontwaardigd uit, een spookrijder ? Ik zie er wel honderd !

Deze kleine vertelling, die natuurlijk ook kan worden opgevat als een ‘Belgenmop(je)‘, beschrijft een belangrijke vraag van deze tijd. Ben je zelf, als individu, de weg kwijt, of geldt dat omgekeerd juist voor alle anderen. Enige bescheidenheid is een goede aanleiding voor de eerste optie, maar bij nader inzien kan de tweede niet meer zo gemakkelijk worden uitgesloten. Zo’n nadere beschouwing levert op vele, zo niet alle maatschappelijke terreinen vergelijkbare inzichten op, maar het ligt natuurlijk voor de hand om dicht bij huis te beginnen, bij natuur, milieu en duurzaamheid:

- Na 30 jaar grondig wetenschappelijk onderzoek en wereldwijde consensus over de resultaten daarvan, is bij de Parijs-conferentie van 2015 erkend dat het klimaat verandert door de menselijke oorzaken. Dat onderzoek is eveneens 30 jaar lang tegengewerkt door onwetenschappelijke klimaatdissidenten die betaald werden door partijen die belang hebben bij fossiele brandstoffen. Enkele goede private en politieke initiatieven daargelaten, moet worden geconstateerd dat er nog steeds geen sprake is van serieus klimaatbeleid. In een samenleving waarin de markt heilig is verklaard, zou je verwachten dat het probleem door middel van marktgerichte instrumenten wordt aangepakt, in het bijzonder een effectieve CO2-prijs. Maar nu even niet. Voor de zoveelste keer formuleren we honderden maatregeltjes die op voorheen Oost-Europese manier moeten worden uitgevoerd. Of we bouwen windmolenparken die direct door energieconsumenten worden betaald, want we moeten er natuurlijk wel aan kunnen verdienen. Het lijkt wel of iedereen de weg kwijt is.

- De circulaire economie is terug van weggeweest. In de tijd van Milieuminister Nijpels en zijn visionaire eerste Nationale Milieubeleidsplan (1989) heette het ‘stofkringlopen sluiten’. In de jaren ’90 heette het ‘Cradle to Cradle’ en nu dus circulaire economie. De ambitie is in die 25 jaar afgezwakt. Weliswaar afvalscheiding, maar ook hier rijen maatregelen die weinig meer opleveren dan een goed gevoel. Financiële incentives, die in de tijd van Nijpels nog werden geaccepteerd (bijv. auto-katalysator), zijn onbespreekbaar geworden. Het lijkt wel of iedereen de weg kwijt is.

- Het mestprobleem is ook terug, maar nooit weggeweest. Na 30 jaar tijdrekken met steeds weer nieuwe normen en nieuwe scenariostudies ‘ontdekken’ we dat de afschaffing van het melkquotum opnieuw tot overschrijding van de (Brusselse) mestnormen zal leiden; nooit aan gedacht. Het lijkt wel of iedereen de weg kwijt is.

- Schiphol groeit door naar meer dan 500.000 vliegbewegingen, door geluid- en externe veiligheidsnormen aan de bewegingen aan te passen in plaats van omgekeerd. Daartoe worden ook in dit geval decennia lang dezelfde sommen gemaakt, met dezelfde uitkomsten en dezelfde politieke reacties. Het lijkt wel of economische groei te allen tijde voor milieu gaat.

- De grenzen aan de groei, zoals beschreven in het grensverleggende rapport van 1972, hebben zich wat betreft mondiale bevolkingsontwikkeling, energiegebruik, klimaatverandering, grondstoffenuitputting en afnemende bestaansmogelijkheden geheel volgens verwachting gemanifesteerd. Inmiddels zijn klimaatverandering en bevolkingsdruk oorzaken van enorme vluchtelingenstromen. Maar het lijkt wel of niemand meer van de grenzen aan de groei wil weten.

- Het financieel-economische bestel is niet langer een middel voor welvaart en welzijn, maar is een doel op zich geworden. In het mondiale casino is de winst geprivatiseerd en het verlies voor rekening van de belastingbetaler. De grootste crisis sinds 1929 zag niemand aankomen. Geld behoort principieel door de overheid te worden gemaakt. Maar dat recht is overgenomen door private partijen die dat geld ‘uit het niets’ maken en het dan risicoloos aan de overheid uitlenen om daar vervolgens rente over te berekenen. Het is dan weer aan diezelfde belastingbetalers om dat op te brengen. Wie is hier nou de weg kwijt ?

- Natuur behoort tot de zgn. ‘commons’, dat wil zeggen dat de natuur, zeker voor een belangrijk deel, van iedereen zou moeten zijn. Vanuit dat oogpunt kocht de overheid met een voorkeursrecht vrijkomende natuurarealen en landbouwgronden op om er openbare natuur van te maken, de Ecologische Hoofdstructuur. Die werd dan overgedragen aan, en beheerd door ideële stichtingen zoals Natuurmonumenten en de Landschappen. Dankzij een lobby van private grootgrondbezitters heeft Brussel een ‘gelijkberechtigings-richtlijn’ aangenomen, waardoor dat voorkeursrecht vervalt. Zelfs voormalige defensieterreinen mogen niet meer aan Natuurbeherende stichtingen worden overgedragen. De overheid, d.w.z. de Nederlandse bevolking moet op de markt concurreren met speculanten en beleggers als het om de natuur als publieke ‘commons’ gaat. Ook hier zijn grote publieke belangen in handen gekomen van een kleine private elite. In de zuivere definitie van het woord betekent dit, dat we weer in een feodale structuur terecht zijn gekomen.

Het slechte nieuws is dus dat we allemaal de weg kwijt zijn. Het goede nieuws is dat we, nu we dat weten, de auto alsnog in de berm kunnen zetten en kunnen omkeren, om alsnog die ene Belg in te halen.
woensdag, 14 september 2016 10:41

De duurzaamheid van Shakespeare

Als de grootste toneelschrijver ooit heeft Shakespeare de eeuwen getrotseerd.  Hij wordt niet alleen nog steeds zeer gewaardeerd, maar blijkt ook verrassend actueel te zijn.  Bij nadere beschouwing blijkt het werk van Shakespeare namelijk heel veel met ‘duurzaamheid’ te maken te hebben. Zijn allegorische stukken gaan over ‘waarden die het waard zijn nagestreefd te worden’. Het centrale thema is dat de menselijke en de maatschappelijke ontwikkeling alleen maar goed kan aflopen, wanneer de verbindende (‘middelpuntzoekende’) krachten de overhand hebben. Als dat niet het geval is loopt alles uit op een tragedie. Shakespeare heeft ongeveer twaalf ‘comedies’ en twaalf ‘tragedies’ geschreven. In de comedies winnen de verbindende krachten, in de tragedies zijn die krachten niet sterk genoeg, loopt de geschiedenis uit op een tragedie en is van duurzaamheid geen sprake meer.

Naamloos

Er wordt heftig gediscussieerd over de vraag wie Shakespeare was. Hoogstwaarschijnlijk was het Francis Bacon, de universele geleerde (en ook wiskundige) die gezien wordt als de architect van de Noord-Europese Renaissance. Hij had een leidende rol in de Rozenkruisers beweging die teruggreep op het werk van de Romeinse architect Vitruvius, daarvoor op Plato en Aristoteles en op het nog vroegere werk van de Egyptische Hermes Trismegistos. In al die beschouwingen gaat het om de verbinding van de fundamentele tegenstellingen, vooral die tussen het materiële en het geestelijke. Zoals weergegeven door de Vitruvius-mens van Leonardo da Vinci wordt het materiële weergegeven door het vierkant, het geestelijke door de cirkel. Da Vinci laat zien dat de mens zowel in het vierkant als de cirkel past, dus zowel een fysieke als een geestelijke natuur heeft. ‘Squaring the Circle’ was het motto waaronder werd gestreefd naar de verzoening van beide. Geen wonder dat Shakespeare bij nader inzien alleen maar een pseudoniem blijkt te zijn voor het getal π, dat (als 2πR) de omtrek van de cirkel met die van het vierkant verbindt. ‘Shakespeare’, dat wil zeggen Francis Bacon en zijn medeauteurs, roepen nog steeds op de verbinding tussen de tegenstellingen na te streven, tussen het geestelijke en het materiële, tussen de individuele mens en ‘de anderen’ en tussen mens en ‘het andere’, de natuur.

Lees verder:Francis Bacon Society en Klaas van Egmond

 

dinsdag, 24 maart 2015 10:53

Grenzen aan de Groei

Milieukunde is wel een interessant, maar geen leuk vak. En wanneer in de zoektocht naar een ‘duurzame ontwikkeling’  verder wordt uitgezoomd en ook economische en sociale vraagstukken worden meegenomen, dan wordt de vraag naar wat inspireert als gauw verdrongen door een beeld dat deprimeert. We zitten inmiddels met een onmiskenbare klimaatverandering, met een op hol geslagen financieel-economisch systeem en een cultureel integratievraagstuk van historische proporties.

                              
Plaat klaas blog maart 2015

Niet uit wetenschappelijke arrogantie, maar uit maatschappelijke bezorgdheid moet toch worden gezegd dat ‘we’ het hebben zien aankomen. In de Aula pocket ‘De Grenzen aan de Groei’ van 1972, het door Donella en Dennis Meadows geschreven rapport aan de Club van Rome, staat op pagina 130 het bovenstaande grafiekje. Het is de standaarduitkomst van het wereldmodel waarmee de toekomstige ontwikkeling van de wereld voor het eerst werd verkend. Beginnend in 1900 zien we bevolking, voedselbeschikbaarheid, industriële productie (industrial output) en vervuiling (pollution) aanvankelijk sterk toenemen, bij een gestage afname van de natuurlijke hulpbronnen (Resources). De industriële productie stort zo ongeveer in rond 2010, later gevolgd door de andere grootheden. Sinds 1972 is er in de media heel wat afgeschaterd over dit ‘doomsday scenario’. Maar inmiddels heeft wetenschappelijk onderzoek (Turner) aangetoond dat de werkelijke ontwikkeling nauwkeurig met deze ‘verwachting’ uit 1972 overeenkomt. Economen, die de crisis van 2007/2008 niet eens zagen aankomen, houden het graag op toeval. Maar dat was het niet ! Wat Meadows c.s. onder meer deden was het schatten en extrapoleren van de snelheden waarmee bevolking, voedselproductie etc. groeiden. Die groei bleek exponentieel te zijn; daarbij treedt om de zoveel jaar een verdubbeling op. Als bijvoorbeeld het kroos in de vijver iedere dag in oppervlakte verdubbelt, dan is de vijver op de één na laatste dag nog maar voor de helft (‘geen probleem’) en de volgende , laatste dag helemaal met kroos bedekt (‘probleem’). De groeisnelheid wordt na en paar verdubbelingen zo groot dat, vanuit het oogpunt van systeem-dynamica, het (eco-) systeem zo instabiel wordt dat instorting onvermijdelijk wordt. Gegeven de aanvankelijke groeisnelheden kan aardig worden voorspeld wanneer die instabiliteit zo ongeveer gaat optreden. Wat betreft de industriële productie was dat blijkbaar het geval rond 2010, tamelijk precies samenvallend met de financieel-economische crisis van 2007/2008. Tegelijkertijd gaat de druk op het fysieke milieu de draagkracht van het systeem Aarde nu al met 40 % te boven. De komende decennia zal dat bij een wereldbevolking die doorgroeit naar 10 miljard mensen, die steeds meer gaan consumeren, nog veel ernstiger worden. Het is het beeld van ‘overshoot and collapse’; van een mateloos teveel , gevolgd door een onvermijdelijk ineenstorting, tenzij…..
Tenzij we alsnog onder ogen willen zien dat de ecologische toekomstverwachtingen tot dusverre verontrustend goed zijn uitgekomen, dit in tegenstelling met de economische verwachtingen.  Misschien is het voor ecologen wel makkelijker om de fysieke ontwikkeling te begrijpen, en dus te voorzien, dan de economische ontwikkeling waarin allerlei ongrijpbare, deel psychologische factoren een rol spelen. Niettemin zou het verstandig zijn om de nu bereikte zorgelijke situatie onder ogen te zien en te onderkennen dat de ecologische verwachtingen serieuzer moeten worden genomen. Het wordt hoog tijd dat politici hun geloof in economische modellen, verwisselen voor de onontkoombare zekerheid van de fysieke, ecologische modellen. Die zekerheid is zo groot omdat de natuur en de draagkracht van het eco-systeem nu de beperkende factoren zijn geworden voor de verdere ontwikkeling. Politici die daaraan voorbij blijven gaan krijgen een probleem; de geschiedenis zal hen leren.
woensdag, 12 maart 2014 10:03

Een vorm van beschaving

Een Vorm van Beschaving gaat over de werkelijke oorzaken van de huidige crisis en over de werkelijke oplossingen. Die werkelijke oorzaken liggen in het steeds weer het eenzijdig worden van de maatschappelijke opvattingen over ‘wat van waarde is’. We zwalken als samenleving stuurloos rond door ons eigen waardepatroon en komen op die manier van de ene crisis in de andere terecht. Aan de hand van een meer uitgesproken, min of meer gedeelde opvatting over wat we van waarde vinden, kan dan duidelijk worden wat er eigenlijk moet worden ontwikkeld als we het over ‘duurzame ontwikkeling’ hebben. Dat leidt dan tot een nieuwe en concrete aanpak op bestuurlijk, ecologisch, financieel-economisch en sociaal-cultureel gebied. Het zijn de eerste en hoognodige stappen naar een nieuwe vorm van beschaving.

Verzenden